Create a Joomla website with Joomla Templates. These Joomla Themes are reviewed and tested for optimal performance. High Quality, Premium Joomla Templates for Your Site
riviernieuw.png

Kunst in de buurt

Hier vind je columns die Remko Varkevisser af en toe in onze buurtkrant publiceert.

Herman Lamers

Van Emmen tot in de stad Groningen ligt een rug van zand in het landschap: de Hondsrug. Herman Lamers (1954) woonde ten tijde van zijn afstuderen aan Academie Minerva op deze zandrug: in de Viaductstraat, de meest noordelijke straat van onze buurt. Hij woonde daar en liet zich inspireren door dat souvenir van de ijstijd. De twee beelden die van die inspiratie het resultaat zijn staan er nu 30 jaar. En ik vind ze nog steeds niet mooi.

In Drenthe draagt De Hondsrug Hunebedden, bouwsels van grote ruwe rotsblokken, daar ruim 5000 jaar geleden op elkaar gestapeld. Als een soort echo van deze oerstenen plaatste Herman Lamers zijn uit beton gegoten oervormen op het noordelijke uiteinde van de Hondsrug. Het zijn zijn eerste beelden, “eigenlijk” restvormen die daar zomaar uit de grond komen", zoals hij ze zelf omschrijft. Maar je kunt ze ook zien als "ruwe rauwe restanten van een menselijk figuur". En het is juist deze onbepaaldheid van betekenis waarnaar hij op zoek was. De beelden spreken een eigen taal en laten zich niet gemakkelijk 'lezen'.

Inderdaad hebben ze iets dat zich niet op laat lossen, iets dat niet te maken heeft met hun betekenis, maar met wat ik zie. Ik zie vormen die iets heel willekeurigs hebben, en dan een ander soort willekeurigheid dan die waarmee de natuur vormt. De keien waarmee een hunebed is gebouwd hebben een willekeurige, door natuurkrachten ontstane vorm, en toch straalt die vorm iets vanzelfsprekends uit. Die eigenschap missen de Viaductstraat-werken van Lamers in mijn ogen. Het lijkt alsof Lamers het belang van 'vorm' heeft willen ontkennen en dat toch heeft willen doen door een beeld wilde maken.

 

Kunst mag van mij best ingewikkeld zijn. Het is helemaal niet erg dat een kunstwerk je uitdaagt, je vraagt na te denken over zijn betekenis, of zelfs (een beetje irriteert). En wat dat betreft kom ik bij de twee titelloze eerstelingen van Lamers wel aan mijn trekken. Hij wilde iets maken dat 'niet artistiek en niet natuurlijk is'. Kan dat?

Ja natuurlijk. Zo komen de meeste gebruiksvoorwerpen tot stand. Zelfs die waarop het etiket 'design' prijkt. Maar Lamers heeft geen gebruiksvoorwerpen gemaakt. Hij heeft nagedacht over de vorm van twee beelden waarvan de enige functie is beeld te zijn. Dan ben je toch geneigd ze 'kunst' te noemen.

Ik kende geen ander werk dan de twee Viaductstraat-sculpturen van Herman Lamers. Gelukkig is er internet. Ander werk van deze kunstenaar is daarmee gauw gevonden. En als ik zie wat men elders van hem heeft staan word ik op slag jaloers. "Het bewijs van Muybridge' in Alkmaar, 'De glazen Engel' in Zwolle, ja ook de bronzen kei bij Avans Hogeschool in Breda, het zijn allemaal kunstwerken waarbij ik denk: stond dát maar hier! En ik moet mij wel sterk vergissen of zijn Pinguïns (Rotterdam), Lama (Leeuwarden) en Struisvogel (Vlaardingen) zouden veel van ons bevallen. Maar wij hebben de twee titellozen van de Viaductstraat.
Misschien moeten we Herman Lamers bij de gemeente voordragen als kunstenaar die iets gaat maken in het Dinkelpark. Om het goed te maken.

Remko Varkevisser
Maart 2011

Martin Tissing

Een bijzonder en zelfs uniek kunstwerk in onze buurt is De Lierspeelster van Martin Tissing. Zij bespeelt haar instrument onder een boom bij de Widar Vrije school, een beetje verscholen eigenlijk, daar achter die heg.


Het beeld is niet alleen uniek omdat er slechts één exemplaar van is, maar ook omdat het het enige bestaande beeld van Martin Tissing is. De gemeente Groningen kocht het bronzen beeld in 1963 in de veronderstelling dat het het eerste figuur zou zijn van een groep van zes; drie muzikanten en drie luisteraars had de kunstenaar immers in gedachten. De Lierspeelster werd zo in 1963 in onze buurt geplaatst, waarna Tissing nog wel een Luisteraar maakte, maar dat beeld kwam niet verder dan een versie in gips. Die gipsen luisteraar stond nog jaren in de tuin van de kunstenaar, in Ezinge, waarvandaan hij de Lierspeelster natuurlijk helemaal niet horen kon, en is daar ook door weer en wind verloren gegaan. En zo ‘hebben’ wij nu het enige beeld van de hand van Martin Tissing.

Maar waarom hield Tissing er na één beeld, of eigenlijk anderhalf beeld, al weer mee op? Hij kwam tot het inzicht dat hij een beter schilder dan beeldhouwer zou zijn. Dat is natuurlijk jammer voor de Rivierenbuurt. Zo’n groep van zes bronzen beelden zou onze buurt toch (nog?) mooier hebben gemaakt.

Onlangs was ik in museum Belvedère in Heerenveen en zag daar een paar schilderijen van Martin Tissing. Die doen helemaal niet denken aan De Lierspeelster, of het moet zijn dat beeld en schilderijen gekenmerkt worden door een zekere zachtheid: harde lijnen en hoeken komen er niet in voor. Maar ja, zo’n bronzen beeld is vanzelf toch hard en heeft gewicht. De schilderijen van Tissing zijn licht en ook abstract. Het zijn kleuren op zoek naar hun vorm. Hij zegt er zelf dit over:

De geheimzinnigheid van het schilderij ontstaat door laag over laag te schilderen. In mijn werk passen geen perfecte, strak omlijnde vormen. Je moet de hand van de schilder kunnen zien. Die imperfectie geeft mijn werk de tederheid die ik nastreef.”

Lyrisch expressionistisch wordt zijn stijl van schilderen genoemd. Dat ‘lyrisch’ had oorspronkelijk betrekking op ‘een gedicht dat gezongen wordt bij een lier’. En dan begrijp je ineens waarom onze Lierspeelster Tissings enige beeld is en moest zijn: haar spel wordt zichtbaar in de schilderijen die Martin Tissing sedertdien heeft gemaakt.

Remko Varkevisser
oktober 2010

 

Meer artikelen...

  • 1
  • 2

Nieuwsarchief